Water heeft altijd al een belangrijke functie vervuld in het leven van de mens. De primitieve mens ging in de buurt van een bron of rivier wonen om aan zijn behoefte te kunnen voldoen.

De mens en water

Ongeveer 7000 jaar terug ontdekte de mens dat ze water konden vinden door een put te graven. Rond dezelfde tijd ontstonden ook de eerste 'waterleidingen'. Dit waren uit rotsen gehouwen greppels of geulen in het zand

In een stad die dateert van 3000 jaar voor Christus heeft men een zeer uitgebreide watervoorziening gevonden. Er waren openbare badinrichtingen met warmwater, badkamers en zelfs een heus rioleringssysteem.

pont du gard, Frankrijk bij Mooserton Tijdens de periode van de Romeinen kende de watersystemen een hele evolutie. Zij waren meesters in het bouwen van Aquaducten waarover ze het water van de bron naar de steden bracht. Vooral de huizen van de rijke, de thermen en de fonteinen werden door deze aquaducten gevoed.

De kennis die was op gebouwd tijdens de Romeinse periode ging helaas samen met het verval van het rijk verloren en tijdens de middeleeuwen maakten men terug gebruik van waterputten. Langzaam aan begon men met het aanleggen van leidingen in steden en gemeente. Zo werd in Oudenaarde in 1675 houten leidingen gelegd om water te vervoeren.

Vanaf dan is de watervoorziening er bij ons enkel nog maar op vooruit gegaan tot de systemen die we nu kennen.

Ontstaan van watervervuiling

flessen en ander afval in het warterAl vanaf het begin van de geschiedenis van de mens vervuilt deze het water. Het spreekt voor zich dat dit in het begin nog niet zo erg was. Bovendien heeft water een zelf reinigende eigenschap waardoor de vervuiling binnen de perken bleef. Maar deze eigenschap kan worden tenietgedaan door een te sterke vervuiling.

De Grieken waren bang voor vervuiling van hun drinkwater en daarom hadden zij strenge regels. De Romeinen hadden een goed uit gedokterd afvoer systeem. Eerst lieten ze hun afvalwater in een rivier stromen maar dit veroorzaakte al snel geurhinder en men kreeg schrik voor epidemieŽn.

De eerste klachten over 'industriŽle' verontreiniging dateren van zo een duizend jaar geleden. De hennepproducenten lieten om het delen van de vezels van de hennepplant te bevorderen deze weken in stilstaand water. De vezels werden gebruikt voor het maken van weefsels. Het water dat gebruikt werd stonk en was vies en gevaarlijk om te drinken.

De vroege vervuiling was steeds een teveel aan een natuurlijke stof die in het water terecht was gekomen. Later ging men ook metalen uit de grond halen en de resten kieperde men in het water. Dit had ziekte en vissterfte tot gevolg.

Vanaf dat de moderne chemie in gang is getrokken komen er ook stoffen in het water terecht die niet meer op een natuurlijke wijze kunnen worden afgebroken. Dat komt omdat ze een ingewikkelde en onnatuurlijke structuur hebben. De 'anorganische' verontreiniging is geboren.

 
Berichten
WaterAardeLawaaiLichtLucht
Klimaat